Random Image
  • Home
  • Over ons
  • Diensten
  • Maïsteelt in stroken
  • Gewasbeschermingsmonitor
  • Foto's & Video's
Over ons

In november 1976 zijn Hans en Joke gestart op de boerderij van de ouders van Joke.

1976 was een buiten gewoon droog en warm jaar geweest en de hooiberg was net aan gevuld. Zoals het gezegde: "is er weinig gewonnen (geoogst) dan is er weinig nodig", kwam uit; begin maart 1977 liepen de koeien al buiten. Het was ook de laatste winter dat de koeien het met hooi moesten doen, vanaf toen werd gras alleen nog gemaaid voor de voordroogkuil.

In 1979 werd er een ligboxstal gebouwd met 90 koe plaatsen. De interesse van Hans bleek meer dan alleen bij de koeien te liggen: het bloed kruipt waar het niet gaan kan. Akkerbouw was en is nog steeds zijn passie. Zo startte hij rond 1983 met het hakselen van gras en later ook maïs. Maïs was in dit gebied nog geen gewoon goed en met veel experimenteren kwamen de ha's langzaam opgang.

Langs de IJssel en langs de Rijn waar de grond beter geschikt is voor de teelt van snijmaïs werd al maïs geteeld. De lichte klei cq zavel grond langs de Rijn en de IJssel maakt het goed mogelijk. Maar polder Cattenbroek met een dunne laag klei op veen is dat niet vanzelf sprekend. Lichte machines op brede hoge wielen was het devies.

De Claas 70 SF die vanaf 1984 het gras hakselde, was met een 3 rijen bek afgeleverd. Dus een jaar later als proef de eerste 2 ha. maïs ingezaaid en bij nog 2 andere bedrijven de maïsoogst verzorgt, was in feite de start. 1988 werd de 70 SF ingeruild voor een Claas 80 SF met een 4 rijen bek en in 1991 kwam een Claas 690 met een zes rijen kettingbek en met een korrelkneuzer.

De interesse in de teelt neemt toe dus de capaciteit moet verder omhoog. Zo kwam er in 1995 de eerste acht rijen zaaimachine op het erf die tot op heden nog ingezet kan worden. Samen met de zes rijers kon er toch rond de 350 ha maïs worden gezaaid.

Aangezien er met 1 hakselaar van 315 pk alles moest worden geoogst duurde de oogst tijd ook vier tot vijf weken. Ook tijdens regendagen werd er volop geoogst om de laatste maïs op tijd van de akkers te halen.

Vanaf 1998 kon het niet langer met 1 machine en werd er nog een hakselaar aangeschaft; een Claas 860 met een rijonafhankelijke maïsbek. Dit was ook het jaar dat er een ongeval plaats vond tijdens de oogst. Wat als gevolg had dat Hans de rest van zijn leven het met 1 hand verder moet zien te redden.

Het uitrijden van drijfmest gebeurden inmiddels niet meer met de ketsplaat: de eerste sleepslang bemesters welke eind jaren 70 begin jaren 80 in de omgeving van Gouda hun intrede hadden, kwamen ook bij ons in beeld. Het demoproject "Emissiearme Mesttoediening" 1988-1992 was het begin van nieuwe technieken, verlagen van de aanwendingsnormen en uitrijperiodes.

Velen jaren later is de ammoniakemissie bij sleepslangen en verdunde mest (1 deel mest/1-3 deel water) nog steeds het laagst! Als wetgeving direct deze methode had geaccepteerd, was veel geld bespaard gebleven, die opgegaan is in allerlei dure mestaanwendings technieken/systemen. Om op het lage land met weinig draagkracht vroeg in voorjaar te veld te gaan wordt de tank vervangen door het sleepslangen systeem. Een 15 meter brede Kaweco getrokken bemester werd daarvoor geïnvesteerd met bijbehorende 5" slangen en mestpomp. Met vallen en op staan wordt het systeem vrij van kinderziektes. Groot voordeel is dat je nu eerder en zonder schade te veld kan.

Werd rond 1995 alleen in het voorjaar de sleepslang ingezet een aantal jaren later zie je ook na de eerste en volgende snee gras het systeem terug op het veld. Ook in de maïsteelt komt de sleepslang in beeld: Een 8 rijen maïszaaier, waar aan beide kanten van het zaai-element de kunstmest kouters zijn vervangen door mestkouters, wordt begin 2000 met eigen visie gemaakt. In 1 werkgang kan er worden bemest (rijenbemesting) en maïs worden ingezaaid.

Rijenbemesting met kunstmest of dierlijke mest geeft altijd een betere benutting van de Stikstof en Fosfaat. Met mest in de rij breng je ongeveer 100-150 kg werkzame Stikstof per ha. goed voor een maïsopbrengst van 15 ton ds.

Heeft een maïsperceel een hogere opbrengst vermogen, dan is bij bemesten met N kunstmest, precies op het moment, als het gewas deze nodig heeft: Vanaf de strekking (50 cm.) tot de kolfzetting gebruik maïs de meeste Stikstof. Voor een dergelijke bij bemesting, gebruiken wij de kunstmest rijenbemester (foto) en strooien dan 200 kg kas/per ha. naast de planten.

Al die jaren dat wij ons bezig houden met de maïsteelt (30 jr.) is en was er maar 1 hekel/verbeterpunt, die tekens na een natte herfst ons extra bezig hield: hoe voorkom/verhoed je stuk gereden akkers in een natte herfst, ofwel hoe voorkom je structuur bederf? Technisch is er wel een oplossing: zet alle voertuigen op rupswielen; landbouwkundig/economisch is dit geen oplossing. Immers de kostprijs stijgt en bovendien rupsvoertuigen trillen de bodem dicht.

De oplossing bevind zich in de bodem; immers hoe meer je deze bewerkt (ploegen, spitten, eggen, cultiveren) hoe meer kans dat de draagkracht en de goede structuur van de grond verloren gaat. De bodemstructuur van grasland is meestal prima, dus probeer die structuur te behouden. Voor meer informatie zie het kopje maisteelt in stroken ook hier te lezen op de website.

Artikel - Loonwerker: nominatie milieuprijs erkenning uit onverwachte hoek
Artikel - Vinding moet ammoniakemissie met 80 procent terugdringen